Hoeveel Mbps heeft een kantoor met 12 medewerkers nodig voor videobellen en cloudsoftware

Hoeveel Mbps heeft een kantoor met 12 medewerkers nodig voor videobellen en cloudsoftware

Een kantoor met 12 medewerkers die videobellen en met cloudsoftware werken, redt het meestal prima met een verbinding van 100 Mbps download en 100 Mbps upload. Reken je ruimer, bijvoorbeeld omdat er veel grote bestanden worden gedeeld of er meerdere vergaderingen tegelijk draaien, dan is 250 tot 500 Mbps symmetrisch een comfortabele keuze. Het gaat daarbij niet alleen om de downloadsnelheid die providers groot in hun reclame zetten: voor videobellen is de uploadsnelheid minstens zo belangrijk. Hieronder rekenen we het stap voor stap uit.

Wat verbruikt één videogesprek?

Een videovergadering in Teams, Zoom of Google Meet gebruikt per deelnemer ongeveer 1,5 tot 4 Mbps, afhankelijk van de beeldkwaliteit. Een goed HD-gesprek (720p) zit meestal rond de 2,5 Mbps, in beide richtingen: je ontvangt de beelden van anderen en je stuurt je eigen camerabeeld terug. Full HD (1080p) kost al snel 3,5 tot 4 Mbps. Bij schermdelen is het verbruik juist lager, vaak rond de 1 tot 1,5 Mbps, tenzij je een video afspeelt.

Voor onze berekening gaan we uit van 2,5 Mbps per persoon in een HD-gesprek. Dat is een nette middenweg die bij de meeste kantoren past.

De rekensom voor 12 medewerkers

Niet alle twaalf collega's zitten tegelijk in een videogesprek, maar een drukke ochtend kan er wel op lijken. We rekenen twee scenario's door.

OnderdeelGewone dag (6 in gesprek)Piekmoment (12 in gesprek)
Videobellen, download15 Mbps30 Mbps
Videobellen, upload15 Mbps30 Mbps
Cloudsoftware en e-mail, download15 Mbps25 Mbps
Cloudsoftware en synchronisatie, upload10 Mbps20 Mbps
Back-up en updates, download en upload10 Mbps10 Mbps
Totaal download40 Mbps65 Mbps
Totaal upload35 Mbps60 Mbps

Tel je er 30 procent marge bij op, omdat je verbinding in de praktijk nooit de volle snelheid haalt, dan kom je op ongeveer 85 Mbps download en 78 Mbps upload voor het piekmoment. Een symmetrische verbinding van 100 Mbps is dus net voldoende, en 250 Mbps geeft ruimte om te groeien.

Waarom upload het knelpunt is

Veel kabelabonnementen hebben een hoge downloadsnelheid, maar een uploadsnelheid van slechts 10 tot 50 Mbps. In het scenario hierboven zou dat betekenen dat je upload volloopt, terwijl je download nog ruimte over heeft. Het gevolg zijn haperende beelden, een robotachtige stem en vergaderingen waarin iedereen door elkaar heen praat. Op glasvezel is de verbinding vaak symmetrisch, dus upload en download zijn even snel. Kies voor een kantoor daarom bij voorkeur voor glasvezel als dat beschikbaar is.

Wat kan nog meer roet in het eten gooien?

  • Wifi: een goede internetlijn helpt niet als de wifi-accesspoints te ver uit elkaar staan of op één kanaal zitten. Vaste kabels naar vaste werkplekken ontlasten het draadloze netwerk.
  • Latency: voor videobellen wil je een reactietijd onder 50 milliseconden, bij voorkeur onder 30. Meet dit via een speedtest met ping.
  • Router en switch: een oude router uit de tijd van 100 Mbps wordt de zwakke schakel. Check of beide poorten gigabit ondersteunen.
  • Back-ups op kantoortijd: plan zware uploads in de avond of het weekend.

Bellen over internet en andere apparatuur op dezelfde lijn

Gebruikt je kantoor ook een telefooncentrale via internet, dan komt daar weinig bij: een gesprek kost ongeveer 0,1 Mbps, dus twaalf gelijktijdige gesprekken zijn goed voor iets meer dan 1 Mbps. Meer last heb je van apparaten die je niet meteen als verbruiker ziet. Denk aan een netwerkprinter die firmware ophaalt, camera's die beelden naar de cloud sturen of een gasten-wifi waar bezoekers filmpjes streamen. Eén camera met een continue HD-stream gebruikt al 2 tot 4 Mbps upload. Splits gasten daarom af op een apart netwerk en stel een snelheidslimiet in, zodat een bezoeker die een serie kijkt je vergadering niet verstoort.

Hoe controleer je wat je nu hebt?

Doe een speedtest op een rustig moment en op een drukke ochtend, liefst met een kabel in plaats van wifi. Noteer download, upload en ping. Zit je bij de drukste vergadering ver onder de berekende waarden, dan heeft je kantoor een snellere verbinding nodig. Haalt je lijn de belofte van de provider niet, dan kun je een melding maken en om herstel of een lagere prijs vragen.

Wat kost het verschil?

Het verschil tussen 100 en 500 Mbps symmetrisch is bij zakelijk glasvezel vaak maar enkele tientjes per maand. Dat is weinig vergeleken met de kosten van een vergadering waarin drie van de vier deelnemers elkaar niet goed kunnen horen. Reken ook op een back-up: een 4G- of 5G-router als noodverbinding kost een paar tientjes per maand en houdt je vergaderingen draaiende wanneer de hoofdlijn uitvalt.

Een rekenregel om te onthouden

Neem per medewerker die tegelijk videobelt 5 Mbps, tel daar 10 Mbps per kantoor bij voor cloud en updates, en voeg 30 procent marge toe. Voor 12 medewerkers geeft dat al snel 70 tot 85 Mbps, en dus is 100 Mbps symmetrisch het minimum. Groeit je team naar 20 personen, dan gaat die rekensom naar zo'n 140 Mbps, en kies je dus voor 250 Mbps of meer. Zo betaal je niet te veel, en zit je ook niet met een kantoor dat bij elke vergadering vastloopt.