Terugverdientijd berekenen bij 24.000 euro investering en 850 euro winst per maand

Terugverdientijd berekenen bij 24.000 euro investering en 850 euro winst per maand

Investeer je 24.000 euro in een machine die je 850 euro per maand extra oplevert, dan is je terugverdientijd ruim 28 maanden, ofwel twee jaar en ruim vier maanden. Je rekent dat uit door de investering te delen door het maandelijkse voordeel: 24.000 gedeeld door 850 is 28,2. Pas na die 28 maanden maak je werkelijk winst op de aanschaf. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk zit het verschil in wat je als maandelijks voordeel meetelt, hoe snel de machine op volle toeren draait en wat je doet met de rente op een lening. Daarom werken we het hieronder stap voor stap uit, inclusief de scenario's die ondernemers vaak vergeten.

De formule en de rekensom

De terugverdientijd is de investering gedeeld door de netto extra kasstroom per periode. Gebruik daarvoor het bedrag dat er echt overblijft op je bankrekening, dus niet de extra omzet maar de extra omzet minus de extra kosten. In ons voorbeeld levert de machine 1.150 euro extra marge per maand op, en kost ze 300 euro per maand aan onderhoud, energie en verbruiksmateriaal. Het netto voordeel is dan 850 euro.

  • Investering: 24.000 euro
  • Netto voordeel per maand: 850 euro
  • Terugverdientijd: 24.000 gedeeld door 850 is 28,2 maanden
  • Voordeel per jaar: 10.200 euro, dus 42,5 procent van de investering

Het jaarlijkse rendement van 42,5 procent is een handig tweede getal. Het zegt hoeveel van je geld jaarlijks terugkomt en is het omgekeerde van de terugverdientijd in jaren.

Wat telt mee als voordeel?

De grootste fout bij dit soort berekeningen is dat het voordeel te rooskleurig wordt ingeschat. Neem de volgende posten mee in je 850 euro, of trek ze er af:

  • Extra marge op de producten of diensten die je met de machine maakt, niet de omzet
  • Bespaarde kosten, zoals uitbesteed werk dat je nu zelf doet
  • Extra kosten voor onderhoud, energie, ruimte, verzekering en materiaal
  • Extra uren van jezelf of personeel, als die anders aan andere klussen besteed konden worden

Vergeet ook de btw niet. Die haal je bij aanschaf meestal terug, dus reken met het bedrag exclusief btw. Overweeg bovendien of de machine vervangen moet worden in dezelfde periode waarin je hem terugverdient, want dan schuift je winstmoment op.

Wat als de machine minder oplevert dan gedacht?

Een berekening met één getal is te mooi om waar te zijn. Daarom reken je minimaal drie scenario's door, met een pessimistisch, een realistisch en een optimistisch voordeel per maand:

ScenarioVoordeel per maandTerugverdientijdRendement per jaar
Pessimistisch650 euro36,9 maanden32,5 procent
Realistisch850 euro28,2 maanden42,5 procent
Optimistisch1.050 euro22,9 maanden52,5 procent

Het verschil tussen het slechtste en het beste scenario is bijna 14 maanden. Als je het pessimistische scenario nog steeds acceptabel vindt, dan is de investering robuust.

De opstartperiode telt mee

Een nieuwe machine draait zelden vanaf dag één op volle capaciteit. Er is een leercurve, je moet klanten vinden en je maakt in het begin meer fouten. Stel dat je de eerste drie maanden maar 400 euro per maand overhoudt en daarna 850 euro. Dan heb je na 30 maanden 24.150 euro terugverdiend, en niet na 28. Twee maanden lijkt weinig, maar het laat zien dat een zwakke start de terugverdientijd direct opschuift.

Wat als de machine een deel van de tijd stilstaat?

Een veelvoorkomende valkuil is dat je rekent met een machine die altijd draait. In werkelijkheid ligt er storing, onderhoud of een periode zonder opdrachten tussen. Stel dat je machine 20 procent van de tijd niet bijdraagt aan je resultaat, dan daalt je maandelijkse voordeel van 850 naar 680 euro. De terugverdientijd loopt dan op van 28,2 naar 35,3 maanden, een verschil van ruim zeven maanden. Houd daarom in je plan altijd rekening met een bezettingsgraad die lager is dan 100 procent, en kijk ook naar de bezettingsgraad van vergelijkbare bedrijven in jouw branche.

Hoe ziet je kasstroom er per jaar uit?

Het cumulatieve resultaat laat zien wanneer je werkelijk boven nul komt:

  • Eind jaar 1: 13.800 euro nog niet terugverdiend
  • Eind jaar 2: 3.600 euro nog niet terugverdiend
  • Eind jaar 3: 6.600 euro winst
  • Eind jaar 4: 16.800 euro winst
  • Eind jaar 5: 27.000 euro winst, ofwel 112,5 procent van de investering

Pas in het derde jaar komt de machine in de plus. Heb je een buffer nodig om de eerste twee jaar door te komen, dan is het slim om dat vooraf in te plannen.

Rekening houden met de tijdswaarde van geld

Een euro die je over drie jaar verdient is minder waard dan een euro nu. Reken je met een gewenst rendement van 6 procent per jaar, dan wordt je terugverdientijd 31 maanden in plaats van 28. Over vijf jaar levert de machine, in waarde van vandaag, ruim 20.000 euro op boven de investering. Dit heet de contante waarde methode. Voor kleine investeringen is hij overdreven, maar bij bedragen als 24.000 euro geeft hij een realistischer beeld, zeker als je een lening afsluit.

Wat verandert er als je het financiert?

Financier je de machine met een lening van 24.000 euro tegen 7 procent rente over 36 maanden, dan betaal je ongeveer 741 euro per maand en in totaal 2.678 euro aan rente. Je netto voordeel van 850 euro dekt de maandlast, en je houdt zo'n 109 euro per maand over. Let wel op de eerste maanden: als het voordeel in de opstartperiode lager is dan 741 euro, moet je het verschil uit je eigen kas bijleggen.

Hoe lang gaat de machine mee?

Een terugverdientijd is pas bruikbaar naast de levensduur. Gaat de machine zeven jaar mee, dan schrijf je jaarlijks ongeveer 3.429 euro af, ofwel 286 euro per maand. Een veelgebruikte vuistregel is dat de investering binnen een derde van de levensduur terugverdiend moet zijn. Bij zeven jaar (84 maanden) is dat 28 maanden, en dat is precies waar ons voorbeeld op uitkomt. Een machine die pas na vier jaar terugverdiend is maar na vijf jaar aan vervanging toe is, schiet daar ver onder.

Zo gebruik je dit bij je volgende aanschaf

Begin met een eerlijke schatting van het maandelijkse voordeel en trek daar kosten van af. Reken drie scenario's door, bekijk de opstartperiode en vergelijk de uitkomst met de levensduur en je financiering. Valt de terugverdientijd binnen een derde van de levensduur en blijft het pessimistische scenario acceptabel, dan staat de aanschaf op een solide basis. Zo niet, dan loont het om te wachten of een goedkopere variant te zoeken.